Koninklijke Fanfare Verenigde Vrienden Adegem

Geschiedenis

Uit: “De Geschiedenis van de Verenigde Vrienden Adegem” door Hugo Notteboom
Verschenen naar aanleiding van het 100-jarig bestaan van de fanfare.

Vóór de stichting

Het is reeds in 1545 dat we vernemen dat pastoor Pieter Neyt voor “ommegangen” “twee trompers en eenen claroender” huurde.. In de zeventiende eeuw werden de muzikanten vervangen door eigen kerkzangers, voor “de groote en na de cleyne” processie.

In de negentiende eeuw werden zowat overal muziekmaatschappijen opgericht. in Maldegem, Eeklo, St.-Laureins en zelfs in Middelburg kwam zo’n maatschappij tot stand.

Op dinsdag 22 oktober 1850 werd in Adegem “eenen lykdienst voor onze geliefde koningin (Marie-Louise, nvdr) gedaan”. Alle aanwezigen betreurden dat er geen muzikale omlijsting was.

Onder impuls van burgemeester Johannes de Weert werd diezelfde dag nog een zangmaatschappij opgericht, met als kenspreuk “KUNSTIJVER”. Er boden zich quasi onmiddelijk 19 werkende en 28 ereleden aan, en Kunstijver werd een “siraed voor Adeghem!”.

Minder dan een jaar na de oprichting organiseerde de maatschappij reeds een festival: alle harmonie-, fanfare- en koormaatschappijen uit de omtrek werden op maandag 14 juli 1851 naar Adegem uitgenodigd om er de kermis op te luisteren. Slechts vier maatschappijen beantwoorden de Adegemse oproep: de zangers en harmonisten uit Maldegem, de fanfaristen uit Middelburg en de harmonisten uit Moerkerke.

De eerste fanfare

Kunstijver bleef groeien en bloeien. “Den landjeugd wijdde haere ledige uurtjes toe aen de edele muziek”. Dankzij de milde bijdragen van de gefortuneerde en kunstminnende ingezetenen kon ook in Adegem een “fanfarengenootschap” worden opgericht.

In december 1853 werd reeds een eerste concert georganiseerd. Op het programma: het air van “Ophicleïde”. Kunstijver en de fanfarenmaatschappij werkten nauw samen, en dit in het nadeel van beiden: in 1870 was er noch van Kunstijver noch van de fanfare enig teken van leven te bespeuren. De Adegemse kermis deed zelfs beroep op de Maldegemse muziekmaatschappij.

Leopold De Pré, Adegemnaar, wordt in 1872 dirigent van de Ledebergse fanfare. Ter gelegenheid van de zomerkermis kwam deze fanfare af en toe naar Adegem om er in de boomgaard van het “Boldershof” te concerteren. Ondertussen wordt Kunstijver nog eens nieuw leven ingeblazen maar na twee jaar en een paar maanden is het alweer afgelopen met deze vereniging. In 1887 promoveerde De Pré tot dirigent van de fanfare van Gentbrugge en reeds enkele maanden na zijn aanstelling kaapte deze vereniging op een festival in Mechelen een tweede prijs weg. Toen ook deze muziekmaatschappij in Adegem had opgetreden, gingen ook stemmen op om, voor de tweede en dit keer goeie keer, een fanfare op te richten in Adegem. De hele familie De Pré speelde hierbij een belangrijke rol.

Anno 1888 wordt een nieuwe koorzangmaatschappij opgericht met een paar leden van “Kunstijver”. De naam van die vereniging: De Vereenigde Jongelingen van Adegem. Van een fanfare wordt echter binnen deze kring niet gesproken, voorlopig niet althans…

De stichting van de VVA

Het zang- en toneelkundig genootschap te Adegem had ondertussen zodanig de wind in de zeilen, dat er eind 1889 niet langer sprake was van “De Vereenigde Jongelingen” maar wel van de “Vereenigde Vrienden” van Adegem.

1890. Via een onooglijk berichtje in “de gazette van Eecloo en het district” wordt de 29e juni de stichting van de VVA aangekondigd. “Er is hier ene maatschappij van fanfaren gesticht….met ijver bezield en door eene bekwaame hand geleid, hopen wij, welhaast een weerdigen rang nevens de Vlaamsche gemeenten op het muziekaal gebied innemen” Over 1890 als oprichtingsjaar laat ook ” ’t Getrouwe Maldegem” van Victor De Lille geen twijfel over bestaan in zijn juni-editie van dat jaar… “Eenige liefhebbers onder leiding van koster Marcel Temmerman” vormden de fanfare V.V.A., de “zang- en muziekmaatschappij van het genootschap van de H. Franciscus.” Het was inderdaad door het bestaan van een Xaverianengenootschap (“ciezen”) dat er een fanfare in Adegem kwam. Naarmate de tijd vordert, zal de VVA meer en meer haar eigen koers varen.

Op zondag 3 mei 1896 werd het zilveren jubelfeest van het “Sint Franciskus Xaverianus Genootschap” -in het Adegems: de “Ciezen”- feestelijk gevierd. Men schatte dat er wel 7000 mensen naar ons dorp waren gekomen om dit feest mee te maken. Wij zien dat naast de ‘Ciezen’ ook de leden van de fanfare op deze foto poseren! (Foto: Jozef Dobbelaere)


Het eerste concert dat door de nieuwe fanfare werd verzorgd had plaats op 13 oktober 1890, in de zaal van de meisjesschool. Dit was het begin van een traditie die tot aan de tweede wereldoorlog wordt volgehouden. Al in 1891 organiseert de VVA een muziekfestival te Adegem dat uitdraait op een ware kermis. In datzelfde jaar behaalt de fanfare de derde prijs op een muziekfestival te Eeklo, met twee werken van de toen veel gespeelde toondichter Moermans. Het zangkoor werd ondertussen omgedoopt tot “Concordia”.

Medestichters Marcel Temmerman (dirigent) en voorzitter Bruno de Busschere overlijden in 1893. Daardoor diende de organisatie dringend herzien. Eigenaardig genoeg maakt het notulenboek in 1893 voor een tweede maal gewag van een oprichting (zie afbeelding stempel): “ten jare 1800 drij en negentig is er in de gemeente adeghem eene fanfarenmaatschappij ingericht met name: vereenigde vrienden”. Nog vreemder: pas in 1894 wordt de oprichting in een “algemeene vergadering” door al de leden van het nieuwe bestuur goedgekeurd. Men neemt aan dat men van het overlijden van de twee kopmannen gebruik maakte om de VVA een volledig autonome structuur te geven, los van de Xaverianen en Concordia, onder het voorwenden van een heroprichting. Dirigent wordt koster Raymond Tuypens.

In het reglement van 1893 wordt vastgesteld dat het ceciliafeest ’s maandags voor het naamfeest van de heilige plaatsvindt. De vaandeldrager en de grosse-caissedrager genieten daarbij van gunstige voorwaarden wat de maaltijd betreft…

Jaarlijks werd er een “zang-, muziek- en tooneelkundig feest” gegeven, traditioneel rond lichtmis. Hieruit groeide een aparte toneelbond, “Wij Willen”, die tot aan de jaren zestig bleef bestaan en altijd in innige band leefde (zelfs financieel) met de VVA. In 1905 wordt de eerste steen gelegd van Zaal Boels, die het eigen lokaal van de VVA moet worden. De concerten (naast de blijspelen) die in die zaal werden gegeven, waren jarenlang zo invloedrijk en overweldigend, dat oudere streekbewoners nog steeds zeggen “we gaan naar het concert” in plaats van “we gaan naar het toneel”.

De opbrengst van het concert zorgde jaarlijks voor een vast inkomen. In 1905 echter boekte de secretaris een verlies van 4 frank! Vandaar waarschijnlijk dat het concert in 1906 niet doorging; een zeldzaamheid…

Het interbellum

1919: Gedeeltelijk onder impuls van de VVA komen de Vredesfeesten na de eerste wereldoorlog tot stand.

Ter gelegenheid van de zomerkermissen vond er op de vooravond daarvan meestal een openluchtconcert plaats en werd er op zondag een “muziekfeest” georganiseerd, waaraan werd deelgenomen door de muziekmaatschappijen uit het omliggende. Op dinsdagavond werd besloten met een wandelconcert.
Bij de winterkermis beperkte de vereniging zich tot een wandelconcert op zondagnamiddag en deelname aan de traditionele fakkeltocht waarmee op dinsdagavond elke kermis werd besloten.

In 1920 leverde een optreden in Knokke 200 frank op. Een gewone “premie” op een kermis 50 tot 75 frank. Vanaf de jaren dertig ontving men minimum 200 frank om ergens te gaan spelen.

Tot nu toe gebeurden verplaatsingen in het Meetjesland met rijtuigen bespannen met paarden. In 1929 trekt men “per velo” naar Knesselare. De instrumenten worden met een automobiel heengebracht. Nog in 1929 organiseerde de VVA een cinema-avond. Er werd een stomme film gedraaid, die werd begeleid door de muzikanten.

In de jaren ’30 organiseerde VVA verscheidene Vlaamse Feesten in de hovingen van August De Kesel, steeds met groot financieel succes. 1934: winst van 4960,50 frank, een fors bedrag in die tijd!

In 1939 noteerde men een intrest van 220 frank op aandelen van de Belgische Spoorwegen, die aangekocht waren in 1899 voor de som van…200 frank.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog ligt de VVA volledig lam. Toch wisten Pieter Van Cleemput en Jozef De Keyser maar liefst 60 muzikanten en bestuursleden bijeen te brengen voor de begrafenis op 5 april 1942 van Theophiel De Pré, die 25 jaar het dirigeerstokje van de VVA had gehanteerd.

1960 tot 1990

In 1960 wordt Prosper Ginneberge voorzitter van de verenigde vrienden. Hij helpt mee aan de verdere uitbouw van de jongerencursus, die nu zelfs gesubsidieerd wordt door de gemeente. In 1966 komen er 14 jonge muzikantjes bij en in 1971 nog eens 13, zodat toen meer dan de helft van de spelende leden jonger was dan 21; een even riskante als hoopvolle toestand…
De nieuwe dirigent Messens krijgt zeer vroeg ontslag en wordt tijdelijk vervangen door oud-gediende “onderdirigent” Leon De Laere. Uiteindelijk wordt Adriën van Landschoot gekozen als nieuwe dirigent.

Vanaf het jaar 1963 wordt VVA een graag geziene gast op de Urselse Pierlalastoet. (Een eerste deelname zou echter al hebben plaatsgevonden in 1910!). Op deze foto ziet u de Adegemse nieuwe muzikantjes op een allegaartje van oude en nieuwe trommels. Het kleine mascotje met trompetje is Gino Van de Velde.

Op 27 oktober 1967 ontving het bestuur het bericht dat de fanfare zich voortaan “koninklijk” mocht noemen, naar aanleiding van haar 75-jarig bestaan. Daarom werd in 1968 een jubelfeest georganiseerd en de 39 Adegemse muzikanten en bestuursleden staken allemaal in een spiksplinternieuw uniform: blauwe jas, grijze broek met groene streep. In Adegem stond toen alles in het teken van de VVA, zelfs de etalages van de winkeliers.

In 1971 werd Alfons De Boeck als dirigent aangeworven, gezien Adriën zijn muzikale activiteiten een andere weg opgingen. Onder De Boeck bloeide de fanfare als nooit te voren. Voor het eerst werd de Cecilia-viering voorafgegaan door een muzikale eucharistie, en verder werden het jaarlijkse “kunstconcert” en ook het “volksconcert” vaste begrippen.

Vanaf 1974 vindt de vereniging een nieuw onderkomen in café Damberd. Achter het café werd in juli 1977 een nieuw opgerichte repetitieruimte officieel in gebruik genomen, alsook een nieuwe feestzaal.

Op 12 september 1978 overlijdt Prosper Ginneberge na 18 jaar voorzitterschap. Een belangrijke periode in het bestaan van de VVA wordt met het heengaan van deze “echte vriend” afgesloten.

Met voorzitter Firmin Ginneberge

In de periode van 1978 tot 1986 was er een regelmatige aangroei van muzikanten, de concerten kenden een enorme bijval en de fanfare werd veelvuldig gevraagd voor optredens. In 1979 richt het comité van de verbroederde grensgemeenten (Aardenburg, Maldegem, Sint-Laureins en Moerkerke) een prijskamp in om een mars van de grensgemeenten te componeren. Dirigent De Boeck zijn compositie wordt bekroond en Adegem krijgt de eer als eerste het “Festival Zonder Grenzen” te organiseren.

Op 17 november 1984 schonk de familie Delbeeke-Thysebaert
een nieuwe vlag, gemaakt naar het vorig model uit 1957.

In 1983 blijven een aantal muzikanten weg van de repetities omwille van de hoge eisen die dirigent De Boeck stelt. In 1986 herhaalt zich deze situatie. De dirigent geeft zelf zijn ontslag op 2 juni 1986.

Uit een zevental kandidaten wordt Johan Vancoppenolle weerhouden als nieuwe dirigent. Hij moderniseert het repertoire en de manier van uitvoeren grondig en voert een repetitie voor de jeugd in.

Frans Delbeeke wordt in datzelfde jaar de nieuwe voorzitter van de VVA. Een zware taak ligt op zijn schouders: het voorbereiden van het 100-jarig jubileum.

De eeuwwisseling

Na een geslaagd eeuwfeest in 1990 en mooie concerten in samenwerking met de Eeklose muziekacademie komt het in 1992 tot onenigheid met en het daaropvolgende ontslag van dirigent Vancoppenolle. De Verenigde Vrienden zitten in een lastig parket want met de dirigent stappen heel wat muzikanten op en dat terwijl de vereniging voor bijna 80 procent uit tieners bestaat.

Er komen proefrepetities voor het aanwerven van een nieuwe dirigent, waar verschillende bekwame kandidaten voor komen opdagen. Velen zijn geroepen, weinigen uitverkoren. Uiteindelijk kiest het bestuur voor de nog piepjonge Wim Lasoen (amper 20). Na zijn “proefperiode” op kamp in Sint-Martens-Latem (1992) kan Lasoen zich definitief dirigent noemen van de VVA.

Een nieuwe dirigent brengt een nieuw repertoire mee maar ook het instrumentarium wordt ferm uitgebreid. De muziekbibliotheek wordt op punt gezet en er wordt ook aan een eigen opleiding gedacht. Rony D’Herck wordt aangenomen als lesgever en met succes. Het korps wordt weldra uitgebreid met een mooie groep jonge muzikanten.

Nog geen jaar na de aanstelling van de nieuwe dirigent weten de Verenigde Vrienden zich met lof van de jury te plaatsen in tweede afdeling voor de provinciale tornooien, vier jaar later promoveren ze naar eerste afdeling (1998). Omdat het orkest zich ondertussen aansluit bij Fedekam, wordt ook gretig meegedongen naar de kampioenstitels, en met succes! Sedert 1992 mocht de VVA zich reeds tweemaal Oost-Vlaams kampioen noemen, één keer in tweede en één keer in eerste afdeling. Beide titels gaven aanleiding tot deelname aan het nationaal toernooi, waar de VVA van terug komt zonder kampioenstitel, maar met een hoop respect en aanmoediging vanwege de hafabra-wereld.

Uiteindelijk neemt Lasoen ook het dirigentschap van de drumband over van de daarom niet minder verdienstelijke Peter Moerman. Deze formatie wordt afgebouwd naar een klassiek, klein trommelkorps maar vormt tegelijkertijd de basis voor een nieuw initiatief: het percussie-ensemble.

Met een fiere optocht en een groot feest verhuist de VVA van de meisjesschool naar “Den Dissonant”, het eigen lokaal dat ze ter beschikking krijgen van de gemeente. In de nieuwbouw krijgt de fanfare de kans om zijn bibliotheek te organiseren, een kleine bar te installeren, en uiteraard zijn ruime repetitiezaal in te richten.

In 1998 neemt Etienne Notteboom, bekend Adegems toneelregisseur en -schrijver, de fakkel over van Frans Delbeeke. Naast het percussie-ensemble zien we nu ook het koperkwintet ontstaan. Het blijft echter bij een eenmalig optreden op een Valentijnsconcert. Zowel percussie-ensemble als koperkwintet sterven een vroege dood.

De jaarlijkse muziekkampen kennen steeds meer succes. Kampleider Frank Notteboom weet zich gesteund door een sterke animatieploeg (Bram, Jos, Donald, Stijn en Pieter) die in 1999 geschiedenis schrijft door het organiseren van een kamp in het thema van de “Schalkse Ruiters”. In 2003 geeft Frank het kampleiderschap door aan Peter Bonamie en een nieuwe ploeg staat klaar om hem te ondersteunen (Astrid, Nele, Mariska, Donald).

2001… het nieuwe millennium vangt voor de VVA aan in vol optimisme, met een enthoesiaste en inmiddels ervaren dirigent, met een fris en monter bestuur onder leiding van voorzitter Etienne Notteboom maar vooral met een grote schare muzikanten die de verenigingsnaam alle eer aan doen.

In de herfst van 2002 is de verstandhouding tussen dirigent en bestuur echter vertroebeld. Voorzitter Etienne Notteboom neemt ontslag en korte tijd later houdt dirigent Wim Lasoen de eer aan zichzelf en stapt op. Er wordt een nieuw bestuur verkozen en vanaf nu zal Luc Matthys de fanfare besturen. Als nieuwe dirigent wordt Patrick Geerts aangetrokken.

De moeilijkheden hebben de fanfare geen goed gedaan maar de 35 overgebleven muzikanten willen er voor gaan. Een nieuw repertoire wordt opgebouwd en 9 leerlingen schrijven zich in voor de lessen bij Rony D’Herck. Na amper 9 maand instrumentenleer geven zij een eerste optreden tijdens het herfstconcert van 2004. Voor het eerst sinds lange tijd spelen de Verenigde Vrienden voor een volle zaal.

De VVA heeft weer een toekomst!

Lang duurt de loopbaan van Patrick Geerts als dirigent in Adegem niet. Na een meer dan geslaagd herfstconcert in 2006 kondigt hij zijn ontslag aan. De Verenigde Vrienden krijgen ruim de tijd om een opvolger te zoeken. Die vinden ze in de persoon van Manuel Herrebaut.

Die stort zich met veel enthoesiasme op zijn taak en reeds op 15 april 2007 geven de Verenigde Vrienden een eerste concert onder zijn leiding.

Het concert schrijft onder de titel “Burenlawaai” geschiedenis: voor het eerst komen de Verenigde Vrienden samen met Nut en Vermaak op de planken. De concurrenten van vroeger zijn nu bondgenoten geworden. En daar kan de muziek alleen maar wel bij varen.

Onze fanfare stelt zich nog steeds voor in de provinciale tornooien en ze doet dat in nog steeds in eerste afdeling. In 2006 (onder dirigent Patrick Geerts) plaatst ze zich met het werk Rapunzel en in  2010 (onder dirigent Manuel Herrebaut) doet ze het nog eens over met de werken Borderzone en Canticles.

In 2007 organiseren de Verenigde Vrienden Adegem, het koor Canticorum en het koor van de Papaver samen hun eerste kerstconcert in de Sint Adrianuskerk.

De opbrengst van dat druk bijgewoond kerstconcert wordt aan de vzw De Vierklaver geschonken. Na dit eerste kerstconcert worden al meteen plannen gesmeed voor het tweede kerstconcert dat er over 3 jaar zal komen.

Er wordt intensief gespeurd naar allerlei manieren om geld in het bakje te brengen. Ter gelegenheid van de winterkermis loopt Den Hoogen Pad aardig vol voor het aperitiefconcert waarna de innerlijke mens kan versterkt worden. Het is gezellig rond de tafels waar allerlei spijzen vlot aan de man worden gebracht. De kassa rinkelt.

2010 zal genoteerd worden als een belangrijk jaar. Na 8 jaar voorzitterschap geeft Luc Matthys de fakkel door aan Peter Bonamie. Tegelijk krijgt het bestuur een andere look. Ook Nele Van De Kerckhove en Hans Wittoeck stellen hun bestuursfunctie ter beschikking. Eind 2010 ziet de samenstelling van het bestuur er als volgt uit: Peter Bonamie (voorzitter), Caroline De Vlieger (ondervoorzitter), Suzanna Vermassen (secretaris), Els Van Hulle (penningmeester), Alfons Bogaert, Ann De Baets, Gino Van De Velde, Frederiek Van Landschoot, David Van Landschoot, Bernard Wauters en Frank Notteboom.

2010 laat zich echter ook noteren door een triest voorval. Op zaterdag 30 oktober 2010 nam de fanfare afscheid van een vriend en muzikant: Jozef Van De Velde. Jefke was 65 jaar lid van de Verenigde Vrienden en maakte er een punt van om altijd stipt op post te zijn. Altijd tevreden dat hij er bij kon zijn was hij van onschatbare waarde voor onze vereniging. In een ver verleden schitterde hij met werken als Triomphe de Concerts met solo voor tuba. Op het einde van zijn muzikale loopbaan ruilde hij zijn tuba voor de Es-bas maar was daarom niet minder gedreven. Ook voor het uitvoeren van praktische klusjes kon de VVA altijd op Jefke beroep doen. Met het overlijden van Jefke verliest de VVA een icoon.

Het kerstconcert van 18 december 2010 kent een opbrengst van 2600 euro. Deze opbrengst werd overhandigd aan de Katholieke Vereniging Gehandicapten. Voor de organisatie van het kersconcert konden de 2 koren en de muziekmaatschappij rekenen op de medewerking van KAV, KVLV, KWB, Gezinsbond, Davidsfonds en het feestcomité.

Op 6 mei 2012 sloeg het noodlot andermaal toe in de rangen van onze fanfare. Geheel onverwacht overleed onze drummer Josse De Roo: een jonge getalenteerde muzikant die nog tientallen jaren een van onze verenigde vrienden had kunnen zijn.
We citeren uit de rede die ex-voorzitter Luc Matthys hield op de rouwplechtigheid:
“Wanneer iemand wegvalt in een fanfare slaat dit letterlijk en figuurlijk een gat. Een plaats in het orkest blijft pijnlijk en voelbaar open. En nog meer is dit het geval wanneer deze plaats deze achter het drumstel is.
… Toen drummer Gino besloot zijn muzikale carrière een andere wending te geven nam Josse de plaats achter de drums in. Hij verbaasde ons allen met het gemak waarmee hij, ondanks zijn jeugdige leeftijd, deze verantwoordelijkheid opnam. In een mum van tijd leek het alsof hij al jaren de dienst uitmaakte. Menig andere fanfare benijdde ons om zo’n jeugdige en getalenteerde drummer.
Wij hebben met z’n allen het genoegen en het geluk gehad om Josse een omgeving te geven waarin hij zeer gelukkig was en zich als jonge gast kon uitleven en ontplooien.

Josse, samen met de bende van 5 (Sien, Siebe, Tijs, Ewout) wenst de ganse fanfare dat het je goed gaat en misschien, je weet maar nooit, kom je Jefke daar wel tegen. In dat geval kunnen jullie er, zoals vroeger tijdens onze uitstappen, als duo van tuba en slagwerk samen de sfeer in brengen. Wij wensen jullie het allebei, meer dan wie ook, toe.”
De rouwplechtigheid ging door op 12 mei 2012, precies de dag waarop ons concert “Saxology” gepland was. Het concert werd uiteraard geannuleerd en in de plaats daarvan luisterde de fanfare de uitvaart op voor een duizendkoppige menigte.

 

VVA Voorzitters door de eeuwen heen

1890 Bruno De Busschere
1893 Ferdinand Piessens
1905 Bernard Verstrynge
1922 Emiel De Lobel
1931 Raphaël De Caju
1944 Jozef De Prest
1955 Louis Savat
1960 Prosper Ginneberge
1978 Firmin Ginneberge
1986 Frans Delbeeke
1998 Etienne Notteboom
2002 Luc Matthys
2010 Peter Bonamie
2014 Els Van Hulle
Advertenties